Over dit appartement
In drie aaneengeschakelde gebouwen werden in februari 2019 telkens twee woningen opgeleverd. Elk van de zes woningen heeft een eigen ingang; er is geen gemeenschappelijk trappenhuis. Drie woningen strekken zich uit over de twee onderste verdiepingen (woning 1, 4 en 6), bij drie woningen bevinden de woonruimtes zich op de boven- en terugliggende verdieping (woning 2, 3 en 5). De twee woningen die zich in één gemeenschappelijk gebouw bevinden, hebben samen een aansluitruimte, die vanuit beide woningen bereikbaar is. Zo vormen steeds twee woningen één eenheid en zijn ze – wat verwarming, water, elektriciteit, kabel en telefoon betreft – onafhankelijk van de overige vier woningen. De jaarafrekening wordt voor elke woning afzonderlijk opgesteld.